De kikker staat rechtop met een neutrale, licht chagrijnige blik, draagt een witte tuniek met een rood sjaaltje, en houdt een lange houten lepel omhoog alsof hij zojuist iets gaat roeren. Naast hem staat een grote donkere ketel vol soep, waar witte, krullende stoom uit opstijgt.
Bovenaan staat in een gebogen, klassieke serif-letter:
“Dat is het. Jij gaat”
Onderaan staat groot en stevig:
“de soep in.”